**1..** De aanslag is invorderbaar op de laatste dag van de tweede maand,
volgende op die, welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is
vermeld
**2..** In afwijking van het eerste lid geldt dat, indien en zolang de
verschuldigde bedragen door automatische betalingsincasso van de
betaalrekening van de belastingschuldige kunnen worden afgeschreven,
de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen. De
eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand, volgende op
die, welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld,
terwijl elke volgende termijn één maand na het verstrijken van de
daaraan voorafgaande termijn vervalt. Indien het totaal van de op
één aanslagbiljet verenigde aanslagen belasting op roerende ruimten
of andere heffingen minder is dan € 50,00 wordt de aanslag
ingevorderd middels lid 1 van dit artikel.
**3..** De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste
en tweede lid gestelde termijnen.
Hoofdstuk
Artikel 9
Termijnen van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van roerende woon- en bedrijfsruimten 2016