Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 3

Tegemoetkoming kosten maatschappelijke participatie

Onderdeel van Topregeling

1.. Het college stelt op aanvraag van de belanghebbende van 18 jaar en ouder een voorziening in natura voor de kosten van maatschappelijke participatie ter beschikking ten behoeve van de belanghebbende en/of zijn eventuele partner en/of zijn eventueel ten laste komend kind jonger dan 4 jaar. 2.. Onder kosten van maatschappelijke participatie worden in ieder geval verstaan de in Nederland gemaakte of te maken kosten van: lidmaatschap van verenigingen op het gebied van sport, cultuur of ontspanning, alsmede bijkomende kosten die direct verband houden met dit lidmaatschap; lidmaatschap van een ouderenvereniging, alsmede bijkomende kosten die direct verband houden met dit lidmaatschap; bijdrage peuterspeelzaal; abonnement bibliotheek; muzieklessen en huur van een muziekinstrument; zwembadbezoek; museumbezoek; volgen van cursussen, niet zijnde beroepsgerichte cursussen; overige kosten welke naar het oordeel van het college bijdragen aan maatschappelijke participatie. 3.. Wanneer in individuele gevallen zou blijken dat het niet dienstig, praktisch of zelfs onmogelijk is om de voorziening in natura te verstrekken kan worden besloten het bedrag aan de belanghebbende zelf uit te betalen. 4.. Bij een eventueel verlenen van individuele bijzondere bijstand voor deze kosten houdt het college rekening met de ontvangen tegemoetkoming voor deze kosten.

Rechtspraak bij dit artikel