Naar hoofdinhoud

Artikel 8

- Ontstaan van de belastingschuld en -heffing naar tijdsgelang voor de jaarlijks verschuldigde rechten

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van begraafrechten 2016

1.. Het onderhoudsrecht zoals bedoeld in de bepalingen 4.2 en 4.3 van de tarieventabel, is verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2.. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt, is het recht zoals bedoeld onder bepaling 4.2 van de tabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3.. Als de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing van de rechten in 4.2 van de tarieventabel voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 10,--. 4.. Belastingbedragen van minder dan € 10,-- worden niet opgelegd.

Rechtspraak bij dit artikel