Naar hoofdinhoud

Artikel 5.

Forfaitaire berekeningswijze van de heffingsgrondslag

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2016

Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder: vakantie-onderkomens: woningen en andere verblijven, niet-zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, in hoofdzaak bestemd voor en gebezigd als verblijf voor vakantie- en andere recreatieve doeleinden; mobiele kampeeronderkomens: tenten, vouwwagens, kampeerauto’s, toercaravans en soortgelijke onderkomens dan wel soortgelijke voertuigen welke bestemd zijn dan wel gebezigd worden als verblijf voor vakantie- en andere recreatieve doeleinden; niet-beroepsmatig verhuurde ruimten: woningen en andere verblijven, of gedeelten daarvan, niet-zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, welke niet in hoofdzaak bestemd zijn als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden, doch welke in bepaalde perioden van het jaar voor die doeleinden worden verhuurd dan wel te huur aangeboden; vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat bestemd is voor het gedurende een seizoen of een jaar plaatsen van eenzelfde mobiel kampeeronderkomen of stacaravan. Het aantal personen dat heeft overnacht wordt met betrekking tot: vakantie-onderkomens en niet beroepsmatig verhuurde ruimten bepaald op 3; mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste standplaatsen bepaald op 3; mobiele kampeeronderkomens op niet-vaste standplaatsen bepaald op 3; Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is overnacht wordt ingeval verblijf wordt gehouden in vakantie-onderkomens, niet beroepsmatig verhuurde ruimten, mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste standplaatsen, welke geschikt zijn voor gebruik of slechts gebruikt mogen worden gedurende een periode van: ten hoogste drie maanden bepaald op 30 meer dan drie doch ten hoogste zes maanden bepaald op 40 meer dan zes maanden doch ten hoogste negen maanden bepaald op 50 meer dan negen doch ten hoogste twaalf maanden bepaald op 60 ingeval verblijf wordt gehouden in mobiele kampeeronderkomens op niet-vaste standplaatsen bepaald op 365. Het aantal mobiele kampeeronderkomens op niet vaste staanplaatsen wordt vastgesteld op het gemiddelde van een zestal tellingen gedurende het belastingjaar, waarbij iedere telling valt binnen een afzonderlijke periode van één maand.

Rechtspraak bij dit artikel