De vergunning als bedoeld in artikel 2:22 wordt geweigerd indien: de exploitant of de beheerder niet voldoet aan de in artikel 2:22, tweede lid en artikel 2:23 gestelde eisen; de vestiging of exploitatie van de inrichting in strijd is met een geldend bestemmingsplan.
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de vergunning als bedoeld in artikel 2.22 worden geweigerd in het belang van:
de openbare orde;
het voorkomen of beperken van overlast;
het voorkomen of beperken van aantasting van het woon- en leefklimaat;
de veiligheid van personen of goederen;
de verkeersveiligheid;
de gezondheid of zedelijkheid.
De vergunning kan worden geweigerd op grond van artikel 7 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (wet BIBOB), in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de wet BIBOB.