Naar hoofdinhoud

Artikel 10.

Regels voor PGB

Onderdeel van Nadere Regels Jeugdhulp Pekela 2015

1.. Het tarief voor een PGB: is gebaseerd op een door de jeugdige of zijn ouders opgesteld plan over hoe zij het PGB gaan besteden; is toereikend om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede jeugdhulp (waarbij wordt verwezen naar de wettelijk vastgelegde kwaliteitscriteria) in te kopen, en bedraagt maximaal de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate individuele voorziening in natura. het tarief voor een PGB is een vast bedrag per uur of per dagdeel. 2.. De hoogte van een PGB voor dienstverlening kan zijn opgebouwd uit verschillende kostencomponenten, zoals salaris, vervanging tijdens vakantie, verzekeringen en reiskosten. 3.. Uit het PGB mogen niet worden betaald: bemiddelingskosten kosten tussenpersonen of belangenbehartigers; administratiekosten; kosten van advies en ondersteuning; kosten genoemd op de bij voorliggende Nadere Regels behorende bijlage 5:PGB lijst. 4.. De tarieven voor (in)formele hulp in de vorm van begeleiding, dagbesteding, vervoer van en naar dagbesteding, kortdurend verblijf en persoonlijke verzorging zijn vastgelegd in de bij deze nadere regels behorende bijlagen 1 t/m 4 “PGB tarieven”’. 5.. De persoon aan wie een PGB wordt verstrekt, kan de jeugdhulp onder de volgende voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk: de verleende hulp overstijgt aanmerkelijk in zwaarte, duur en intensiteit de (algemeen gebruikelijke) zorg en de inzet voor elkaar;; als de hulp zorg omvat waarvoor krachtens landelijk geldende kwaliteitscriteria een minimale opleiding vereist is, beschikt de persoon over de desbetreffende kwalificatie;. deze persoon krijgt een lager tarief betaald voor zijn diensten dan het ingevolge het vastgestelde tarief voor een professional; deze persoon heeft aangegeven dat de zorg aan de belanghebbende voor hem niet tot overbelasting leidt; het tarief voor een PGB dat besteed wordt bij iemand uit het sociale netwerk is een vast bedrag per uur. 6.. De geldigheidsduur van de zorgtoewijzingen voor de individuele voorzieningen genoemd in artikel 2 van deze Nadere Regels wordt bepaald maximaal op 1 jaar.

Rechtspraak bij dit artikel