De aangifte wordt gedaan in de gemeente waar het briefadres zich
bevindt.
De aangever is verplicht om bij de aangifte tot briefadres alle
benodigde stukken te overleggen.
Onder benodigde stukken als bedoeld in het tweede lid wordt in ieder
geval verstaan:
een geldig identiteitsbewijs;
de schriftelijke verklaring van de aangever met reden voor
de aangifte en de te verwachten periode dat het briefadres
noodzakelijk is;
een geldig identiteitsbewijs of een kopie ervan en een
schriftelijke verklaring van instemming van de
briefadresgever;
een ingevulde en ondertekende vragenlijst briefadres, als
het briefadres gevraagd wordt op grond van artikel 2, lid
1.
4 Als het briefadres gevraagd wordt op grond van artikel 2, lid 4, is een
schriftelijke verklaring van de burgemeester noodzakelijk waaruit blijkt dat
opname van een woonadres niet wenselijk is.
5 De briefadresgever kan maximaal aan twee gezinshuishoudens, aan twee
alleenstaanden of aan een gezinshuishouden en een alleenstaande toestemming
geven een briefadres te houden.