**1..** De aanvraag om subsidie, als bedoeld in artikel 1, moet vóór 1 maart van het jaar, volgend op dat waarop de aanvraag betrekking heeft, bij het college van burgemeester en wethouders worden ingediend.
**2..** Bij de aanvraag als bedoeld in het eerste lid, dient te worden overgelegd een opgave van het aan het onderhoud van de molen bestede bedrag, een specificatie van verrichte werkzaamheden, alsmede (afschriften van) rekeningen en betaalbewijzen.
**3..** Een jaarlijkse bijdrage kan eveneens worden verleend op basis van een meerjarenonderhoudsprogramma, welk programma vooraf dient te worden goedgekeurd door het college van burgemeester en wethouders. De verplichting, als bedoeld in het eerste lid, is in dit geval niet van toepassing.
**4..** Het meerjarenonderhoudsprogramma, als bedoeld in het derde lid, bestrijkt een periode van maximaal 6 jaar, te rekenen vanaf het jaar, waarin het programma wordt ingediend.
**5..** Indien het onderhoud plaatsvindt op basis van een meerjarenonderhoudsprogramma, dienen de gespecificeerde rekeningen te worden ingediend in hetzelfde jaar waarin het onderhoud heeft plaatsgevonden. Verrekening vindt plaats in het geval de verleende bijdragen de onderhoudskosten – in de goedgekeurde periode – overtreffen.
**6..** Indien een eigenaar meerdere molens in het bezit heeft, wordt – met inachtneming van het bepaalde in artikel 1 – voor de bepaling van de subsidiabele onderhoudskosten uitgegaan van de gemiddelde onderhoudskosten daarvan.
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Bijdrageregeling werkende en stilstaande industrie- en poldermolens 2016