Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Subsidieverordening welzijn, cultuur en sport 2002

1. Gemeente: gemeente Noordenveld. 2. Raad:de Raad van de gemeente Noordenveld. 3. Burgemeester en Wethouders:Burgemeester en Wethouders van de gemeente Noordenveld. 4. Wet:Algemene wet bestuursrecht. 5. ASV:Algemene Subsidieverordening Noordenveld 2002. 6. Deelverordening:deelverordening Welzijn, Cultuur en Sport van de gemeente. 7. Jaarprogramma:het jaarlijks in het kader van de gemeentebegroting vast te stellen overzicht van de subsidieaanvragen en–verleningen vallend binnen de reikwijdte van deze verordening. 8. Instelling:te subsidiëren rechtspersoon zonder winstoogmerk of door Burgemeester en Wethouders daaraan gelijkgestelde natuurlijke personen. 9. Beroepskracht:een professionele en terzake deskundige medewerker van een instelling, waarmee een arbeidsovereenkomst is gesloten. 10. Vrijwilliger: een begeleider v an gesubsidieerde activiteiten die daarvoor geen salaris ontvangt en waarmee geen arbeidsovereenkomst is afgesloten. 11. Professionele instelling: instelling die activiteiten organiseert en uitvoert met behulp van beroepskrachten. 12. Algemene reserve: het vrij aanwendbare eigen vermogen van de instelling. 13. Bestemmingsreserve: deel van het eigen vermogen dat wordt opgebouwd en aangewend voor een vooraf bepaalde bestemming. 14. Doelgroep: door Burgemeester en Wethouders omschreven groep of categorie burgers waarop de gesubsidieerde activiteit met name gericht moet zijn. 15. Risicogroep: groep of categorie van burgers, die te maken hebben met persoonlijke of omgevingsfactoren waardoor zij ten opzichte van andere burgers een groter risico lopen op sociale, emotionele, cognitieve of economische achterstand. 16. Retributiesubsidie: een aanvullende subsidie ter compensatie van te lage inkomsten uit inkomensafhankelijke deelnemersbijdragen voor activiteiten waarbij de doelgroep overwegend uit financieel minder draagkrachtige deelnemers bestaat.

Rechtspraak bij dit artikel