Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 21

Subsidiabele activiteiten

Onderdeel van Subsidieverordening welzijn, cultuur en sport 2002

1.. De gemeente subsidieert lokale of bovenlokale instellingen voor activiteiten op het gebied van verslavingszorg, slachtofferhulp, jeugdhulpverlening, maatschappelijke opvang en begeleiding en andere door de Raad aangegeven aandachtsgebieden, mits en in zoverre deze aanvullend zijn op de door Rijks- en provinciale overheid georganiseerde zorg. 2.. De in lid 1 bedoelde activiteiten kunnen bestaan uit: cliëntgerichte hulp- en dienstverlening, te weten het begeleiden en ondersteunen van een cliënt gericht op behoud dan wel herstel van sociale vaardigheden en het maatschappelijk functioneren en het verrichten van concrete diensten voor een cliënt; het geven van informatie en advies aan een cliënt of groepen cliënten; preventieve activiteiten gericht op het voorkomen en het ontstaan van hulpvragen; het geven van maatschappelijke- en gezondheidsvoorlichting aan individuele burgers en specifieke groepen; het bieden van consultatie aan vrijwilligers en beroepskrachten van andere organisaties ten behoeve van de hulpverlening; het signaleren van ontwikkelingen in hulpvragen en bij (groepen) cliënten ten behoeve van interne en externe beleidsontwikkeling; telefonische hulp gericht op de behandeling van (anonieme) individuele vragen, zoals bijvoorbeeld bij de vertrouwenstelefoon; indicatiestelling voor toelating tot zorgvoorzieningen; andere activiteiten die naar het oordeel van Burgemeester en Wethouders vallen onder de in het eerste lid van dit artikel genoemde gebieden. 3.. Burgemeester en Wethouders kunnen op het gebied van maatschappelijke dienstverlening en gezondheidszorg subsidie verlenen als bijdrage in de kosten van: het instandhouden van een professionele non-profit instelling; door beroepskrachten uitgevoerde dan wel begeleide activiteiten van eenmalige vernieuwende projecten.

Rechtspraak bij dit artikel