**1..** De belasting als bedoeld in artikel 2, eerste lid, wordt geheven naar
het aantal kubieke meters afvalwater dat vanuit het eigendom wordt
afgevoerd.
**2..** Het aantal kubieke meters afvalwater wordt gesteld op het aantal kubieke
meters water dat in de laatste aan het begin van het belastingjaar
voorafgaande verbruiksperiode naar het eigendom is toegevoerd of is
opgepompt. In geval de verbruiksperiode niet gelijk is aan een periode
van twaalf maanden, wordt de hoeveelheid water door herleiding naar
tijdsgelang bepaald. Bij die herleiding wordt een gedeelte van een
kalendermaand voor een volle maand gerekend.
**3..** Ingeval gebruik wordt gemaakt van een pompinstallatie moet die
pompinstallatie zijn voorzien van een:
watermeter, waarvan de hoeveelheid opgepompt water kan worden
afgelezen, of
bedrijfsurenteller, waarvan het aantal uren dat een
pompinstallatie met vaste capaciteit in bedrijf is geweest kan
worden afgelezen.
De eerste volzin is niet van toepassing indien vaststelling van de
hoeveelheid opgepompt water geschiedt op grond van enige andere
wettelijke bepaling.
**4..** De op de voet van het tweede lid berekende hoeveelheid toegevoerd of
opgepompt water wordt verminderd met de hoeveelheid water die niet als
afvalwater is afgevoerd.
Artikel 6
Maatstaf van heffing
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing 2016