**1.** Indien de subsidieverlening meer bedraagt dan € 5.000, dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in bij het college:a. bij een eenmalige subsidie, uiterlijk 13 weken nadat de activiteiten zijn verricht;b. bij een jaarlijkse subsidie, uiterlijk vóór 1 mei in het jaar na afloop van het kalenderjaar, respectievelijk 4 maanden na het subsidietijdvak, waarvoor de subsidie is verleend.
**2.** De aanvraag tot vaststelling bevat:a. een inhoudelijk verslag waaruit blijkt dat de activiteiten, waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht;b. een overzicht van de activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag of jaarrekening);c. een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een toelichting daarop;d. een accountantsverklaring, indien de subsidie meer dan € 50.000 bedraagt.
**3.** Het college kan bepalen dat ook andere, of minder dan, de in dit artikel bedoelde gegevens en bescheiden die voor de vaststelling van belang zijn, worden overgelegd. Dit wordt opgenomen in de beschikking waarin subsidie wordt verleend.
hoofdstuk 7
Artikel 14
Verantwoording subsidie vanaf € 5.000
Onderdeel van Algemene subsidieverordening Kaag en Braassem 2011 (NIEUW)