**1..** De marktgelden als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a, zijn
verschuldigd bij aanvang van het kalenderjaar of, zo dit later is, bij
de aanvang van de belastingplicht.
**2..** Indien de belastingplicht in de loop van het kalenderjaar aanvangt, zijn
de marktgelden verschuldigd voor het aantal volle weken als er in het
betreffende jaar na de aanvang van de belastingplicht nog
overblijven.
**3..** Indien de belastingplicht in de loop van het kalenderjaar eindigt wegens
opzegging van de vergunning door de vergunninghouder, bestaat aanspraak
op ontheffing voor het aantal volle weken als er in het betreffende
kalenderjaar na het einde van de belastingplicht nog overblijven.
**4..** Indien de belastingplicht in de loop van het kalenderjaar eindigt wegens
overlijden van de vergunninghouder en de vergunning niet wordt
overgeschreven als bedoeld in artikel 9 van de Marktverordening, bestaat
aanspraak op ontheffing voor het aantal volle weken als er in het
betreffende kalenderjaar na het einde van de belastingplicht nog
overblijven.
**5..** Er is geen recht op ontheffing behoudens de ontheffing als bedoeld in
artikel 4.4, lid 2 van het Inrichtingsplan.
**6..** De marktgelden als bedoeld in artikel 3, vierde lid, zijn verschuldigd
bij aanvang van het kalenderjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van
de belastingplicht.
Artikel 7
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden 2016