Een voorbeeld van een voorziening die algemeen gebruikelijk kan zijn is een fiets met trapondersteuning voor een cliënt op leeftijd. Een veertienjarige jongen zou er normaal gesproken nooit gebruik van maken. Als die veertienjarige als gevolg van een ongeval geen gebruik meer kan maken van een normale fiets, is een fiets met trapondersteuning voor hem niet algemeen gebruikelijk. Datzelfde geldt voor voorzieningen als wandbeugels of een verhoogde toiletpot. Bij de beoordeling of een voorziening algemeen gebruikelijk is moet dus altijd rekening gehouden worden met de persoonskenmerken van de cliënt. Maar ook de financiële mogelijkheden van de cliënt moeten in de beoordeling meegenomen worden. Algemeen gebruikelijke voorzieningen moeten bijvoorbeeld ook in financiële zin passend zijn voor een cliënt met een inkomen op het niveau van het sociaal minimum. Wanneer dit niet het geval is, kan een voorziening niet als algemeen gebruikelijk aangemerkt worden.
Hoofdstuk 3:
Artikel 6.
Algemeen gebruikelijke voorziening
Onderdeel van Beleidsregels WMO en Jeugdhulp gemeente Heusden 2016