Voor het verkrijgen van toestemming om gelegenheid te geven tot
dansen in een inrichting waarin een horecabedrijf wordt
uitgeoefend, moet worden voldaan aan de volgende
inrichtingseisen:
in het vertrek of de open aanhorigheid waar het dansen
geschiedt, moet een duidelijk van het overige deel van de vloer
onderscheiden dansvloer aanwezig zijn;
het vertrek of de open aanhorigheid waar het dansen geschiedt,
moet van alle kanten goed te overzien zijn;
in de inrichting moeten ten behoeve van de bezoekers, voor
mannen en voor vrouwen afzonderlijke, volledig van elkaar
gescheiden toiletgelegenheden aanwezig zijn. Elke
toiletgelegenheid moet voldoen aan de navolgende eisen:
zij moet een of meer behoorlijke privaten bevatten;
zij moet een of meer behoorlijke voorzieningen bevatten
om de handen met stromend deugdelijk drinkwater te
kunnen wassen;
de in de privaten aanwezig closetpotten en de urinoirs
moeten voorzien zijn van waterspoeling;
de privaten, alsmede de ruimten welke urinoirs bevatten
mogen niet rechtstreeks in verbinding staan met het
vertrek of de open aanhorigheid waar het dansen
geschiedt.
Wanneer de toestemming wordt gevraagd voor een vertrek of open
aanhorigheid die pleegt te worden gebruikt als voor het publiek
toegankelijke dansgelegenheid of voor het houden van voor het
publiek toegankelijke toneel-, muziek-, zang-, dans- en andere
uitvoering, van bijeenkomsten of van partijen, moet bovendien
worden voldaan aan de volgende inrichtingseisen:
de oppervlakte van het vertrek of de open aanhorigheid waar het
dansen geschiedt moet ten minste 70 m2 bedragen;
de oppervlakte van de dansvloer moet ten minste een zesde deel
bedragen van de oppervlakte van het vertrek of de open
aanhorigheid waar het dansen geschiedt, met een minimum van 20
m2.