Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk V,

Artikel 5.5

Artikel 5.5

Onderdeel van Drank- en Horecaverordening

Burgemeester en wethouders trekken het verlof in indien: gedurende een jaar anders dan wegens overmacht geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van het verlof; zich in het betrokken verlofbedrijf feiten hebben voorgedaan die de vrees wettigen dat het van kracht blijven van het verlof gevaar zou opleveren voor de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid. Zij kunnen het verlof intrekken indien niet langer wordt voldaan aan de krachtens artikel 5.4, tweede lid, gestelde beperkingen of voorschriften; Een besluit waarbij een verlof is geweigerd of ingetrokken, een verlof onder beperkingen is verleend, of aan een verlof voorschriften zijn verbonden, is met redenen omkleed en wordt aan de verzoeker bij aangetekende brief toegezonden; Een besluit tot intrekking of wijziging van een verlof wordt eerst van kracht zodra het onherroepelijk is geworden. In afwijking hiervan blijft de burgemeester bevoegd in het belang der openbare orde, veiligheid of zedelijkheid te bepalen dat een besluit tot intrekking of wijziging van een verlof terstond van kracht is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel