In de volgende situaties kan belanghebbende aantonen te voldoen aan de
eis tot beheersing van de Nederlandse taal:
Wanneer belanghebbende in de leeftijd (tussen 5 en 16 jaar)
tenminste acht jaren in Nederland heeft gewoond kan ervan
uitgegaan worden dat door belanghebbende gedurende acht jaar
Nederlandstalig onderwijs is gevolgd.
Een diploma inburgering als bedoeld in artikel 7, tweede lid,
onderdeel a, van de Wet inburgering of een gelijkwaardig diploma
(artikel 2.3 Besluit inburgering) geldt als bewijs dat
belanghebbende de Nederlandse taal beheerst en aan de taaleis
voldoet.
Een ander document waaruit blijkt dat de belanghebbende de
vaardigheden op minimaal het referentieniveau 1F (A2) beheerst.
Hierbij kan worden gedacht aan:
Diploma Nederlandstalig voortgezet onderwijs,
bijvoorbeeld diploma VSO of PRO, volwassenenonderwijs,
VMBO, MBO, Havo, VWO, HBO of WO of een uittreksel uit
het diploma register van het DUO. Of een diploma
volledig basisonderwijs in de Nederlandse taal. Een
kopie van het bewijs volstaat.
Een certificaat van een erkende/gecertificeerde
opleiding/onderwijsinstelling, of taalinstituut, waaruit
blijkt dat belanghebbende de Nederlandse taal op 1F (A2)
niveau beheerst. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden
aan een door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en
Wetenschap erkende opleiding/onderwijsinstelling of een
onderwijsinstelling die in het bezit is van een
ISO-9001:2008 certificaat of vergelijkbaar certificaat.
Dit kan ook een particulier of Nederlandstalig onderwijs
in het buitenland zijn.
Bewijs van uitslag taaltoets (certificaat). Deze
taaltoets dient te voldoen aan het Besluit taaltoets
Participatiewet. Of een beschikking van een andere
gemeente, inclusief certificaat/uitslag taaltoets,
waaruit blijkt dat de werkzoekende voldoet aan de Wet
taaleis
Arbeidsovereenkomst van minimaal een half jaar voor een functie
waarvoor het beheersen van de Nederlandse taal (niveau 1F/A2)
noodzakelijk is.
Het tekenen van een eigen verklaring zoals tijdens een gesprek
verstrekt door de gemeente, waarin belanghebbende verklaart dat
hij of zij voldoet aan de Wet taaleis Participatiewet (artikel
18b van de Participatiewet 2016). Deze eigen verklaring kan
alleen aangeboden worden door de klantmanager/consulent van de
gemeente als niet getwijfeld wordt dat de belanghebbende de
Nederlandse taal beheerst op niveau 1F (A2). De gemeente behoudt
zich het recht voor de belanghebbende (in een later stadium)
alsnog om een bewijsstuk te vragen, dan wel aan te melden voor
een taaltoets.