In het kader van participatie en zelfredzaamheid van burgers is het vervoer een essentieel onderdeel. Voor het deelnemen aan het maatschappelijke verkeer en voor het verrichten van algemeen dagelijkse levensverrichtingen zijn vaak verplaatsingen op de korte, maar ook op de langere afstanden noodzakelijk. Vervoer wordt als zodanig nadrukkelijk genoemd in artikel 1.1.1 van de Wmo 2015. Vervoer draagt bij aan het zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen in de eigen omgeving. Het resultaat van een eventuele maatwerkvoorziening is dat een burger voldoende zelfredzaam is en in staat is te participeren.
In dit hoofdstuk wordt het afwegingskader van de gemeentelijke maatwerkvoorzieningen op het gebied van vervoer uiteengezet.
Vervoer in het kader van begeleiding, (arbeidsmatige) dagbesteding en kortdurend verblijf.
In hoofdstuk 7 wordt het vervoer ten behoeve van deze voormalige AWBZ voorzieningen beschreven als het gaat om een natura verstrekking. In dit hoofdstuk wordt het vervoer in het kader van het leven van alledag in de directe woon-of leefomgeving behandeld.
Hoofdstuk 5.
Artikel 5.1
Inleiding en afbakening
Onderdeel van Uitvoeringsregels maatwerkvoorzieningen Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Haarlem 2016