Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6 › Paragraaf 6.3.3.

Artikel 41b

Doelgroep

Onderdeel van Nadere regels sociaal domein gemeente Kaag en Braassem 2016

1.. Aanvrager kan in aanmerking komen voor een bijdrage in de kosten van peuteropvang voor een ten laste komend kind als: het een kind betreft in de leeftijd van 2 tot 4 jaar; het gezamenlijk toetsingsinkomen (art 8 Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen, Awir) van de ouder(s) niet hoger is dan het maximum in het 14e trede van de kinderopvangtoeslagtabel volgens artikel 1.8 en 1.9 van de Wkkp; het vermogen van de ouder(s) niet hoger is dan de toepasselijke vermogensgrens als bedoeld in artikel 34 van de Participatiewet; uitgesloten zijn ouders die vallen onder de doelgroep kinderopvangtoeslag volgens artikel 1.6 Wkkp; uitgesloten zijn ouders met een sociaal-medische indicatie voor kinderopvang volgens de Wmo. 2.. Voor de vaststelling van het vermogen, genoemd in het eerste lid, zijn de bepalingen van artikel 38 lid 2 en 3 van de nadere regels van overeenkomstige toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel