De leden van het dagelijks bestuur zijn, tezamen en ieder
afzonderlijk, aan het algemeen bestuur verantwoording
verschuldigd voor het door het dagelijks bestuur gevoerde
bestuur.
Zij geven ongevraagd en met toepassing van artikel 19a van de
wet het algemeen bestuur mondeling of schriftelijk de door een
of meer leden gevraagde inlichtingen, op de wijze zoals die is
geregeld in het reglement van orde van het algemeen bestuur.
Het algemeen bestuur is bevoegd aan een lid van het dagelijks
bestuur tussentijds ontslag te verlenen ingeval deze heeft
opgehouden het vertrouwen van het algemeen bestuur te bezitten.
Het bepaalde in de voorgaande leden is van overeenkomstige
toepassing op de voorzitter voor het door hem/haar gevoerde
bestuur.
Hoofdstuk VIII
Artikel 20
Interne werking
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Kempisch Bedrijvenpark