De houder of beheerder van een inrichting waar eet- en/of drinkwaren
worden verkocht, dan wel een
standplaats inneemt waar eet- en/of drinkwaren worden verkocht die ter
plaatse kunnen worden genuttigd,
is verplicht:
een mand, bak of soortgelijke voorwerp in of nabij de inrichting
op een duidelijk zichtbare plaats aanwezig te hebben, waarin het
publiek het afval kan achter laten;
zorg te dragen dat die mand, die bak of dat soortgelijke
voorwerp van een zodanige constructie is dat het afval daarin
deugdelijk geborgen blijft en dat die mand, die bak of dat
voorwerp steeds tijdig wordt geledigd;
te zorgen dat dagelijks, uiterlijk een uur na sluiting van de
inrichting, doch in ieder geval terstond op eerste aanzegging
van een ambtenaar, belast met de toezicht op de naleving van het
bepaalde in dit artikel, binnen een straal van 25 meter van de
inrichting op de weg achtergebleven afval, voorzover kennelijk
uit of van die inrichting afkomstig, wordt opgeruimd.
Paragraaf 6
Artikel 28
Afvalbakken in inrichtingen voor het verbruiken van eet- en drinkwaren
Onderdeel van Afvalstoffenverordening Leiderdorp 2004