**1..** Binnen twaalf weken nadat het collegebesluit over het programma aan de bevoegde gezagsorganen is bekend gemaakt, treden het college en de aanvrager met elkaar in overleg over de wijze van uitvoering van de op het programma geplaatste voorziening indien hierom door partijen schriftelijk wordt verzocht. In dit overleg wordt alle informatie verstrekt die nodig is voor de uitvoering van de voorziening. Daarbij kunnen, voor zover van toepassing, afspraken gemaakt worden over onder meer:
het bouwheerschap als bedoeld in de wet;
het tijdstip van indiening van het bouwplan en de begroting door de aanvrager;
een andere wijze van uitvoering van het besluit met inachtneming van het beschikbaar te stellen bedrag;
de wijze waarop door het college toepassing wordt gegeven aan de toetsing van het bouwplan en de begroting, alsmede aan de toetsing in verband met wettelijke voorschriften en nieuwe feiten en omstandigheden als bedoeld in artikel 16;
de controle op en het afleggen van verantwoording over de besteding van de beschikbaar te stellen middelen.
**2..** De aanvrager geeft in dit overleg in ieder geval aan op welke wijze hij voornemens is de aanbesteding van de uitvoering te laten plaatsvinden. Daarbij worden de gestelde richtlijnen als bedoeld in bijlage IV, in acht genomen.
**3..** De inhoud van de afspraken of de constatering dat het overleg niet tot overeenstemming heeft geleid, wordt door het college schriftelijk vastgelegd in een verslag van het overleg en binnen vier weken na afloop van het overleg ter kennis gebracht van de aanvrager. Indien de aanvrager schriftelijk instemt met het verslag of binnen twee weken na ontvangst nog niet schriftelijk heeft gereageerd, wordt, afhankelijk van de inhoud van het vastgestelde verslag, geacht dat er overeenstemming of geen overeenstemming is bereikt.
**4..** Indien toepassing wordt gegeven aan het bepaalde in artikel 16, vierde lid, neemt het college binnen vier weken nadat de overeenstemming als bedoeld in het derde lid is bereikt, een beslissing over het tijdstip waarop de bekostiging een aanvang kan nemen. Het bepaalde in artikel 17 is daarbij van overeenkomstige toepassing.
**5..** Indien in het overleg geen overeenstemming als bedoeld in het derde lid is bereikt, deelt het college binnen vier weken nadat het verslag is vastgesteld, dit schriftelijk mee aan de aanvrager. Daarbij wordt aangegeven dat de bekostiging van de uitvoering van de voorziening geen aanvang zal nemen.
**6..** Ingeval van een door het college als complex aangemerkte realisatie van een voorziening, kunnen het college en het bevoegd gezag besluiten tot het aangaan van een overeenkomst waarin zaken omtrent de uitvoering van de voorziening nader worden geregeld.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2.4
Artikel 15
Overleg wijze van uitvoering
Onderdeel van VERORDENING Voorzieningen Huisvesting Onderwijs Gemeente Utrecht 2015