**1..** Het is in een inrichting, indien daartoe overeenkomstig deze verordening door burgemeester en wethouders ontheffing is verleend, toegestaan maximaal twee dagen per kalenderjaar incidentele festiviteiten te houden waarbij de geluidsnormen als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van het Besluit niet gelden, voor zover de naleving ervan redelijkerwijs niet kan worden gevergd.
**2..** In afwijking van lid 1 is het in een sportinrichting, indien daartoe overeenkomstig deze verordening door burgemeester en wethouders ontheffing is verleend, toegestaan maximaal negen dagen per kalenderjaar incidentele festiviteiten voor sportactiviteiten te houden waarbij de in lid 1 genoemde artikelen van het Besluit niet gelden, voor zover naleving ervan redelijkerwijs niet kan worden gevergd.
**3..** Het is in een sportinrichting, indien daartoe overeenkomstig deze verordening door burgemeester en wethouders ontheffing is verleend, toegestaan maximaal negen dagen per kalenderjaar incidentele festiviteiten te houden waarbij de beperking van de tijden voor sportverlichting als bedoeld in de artikel 3.148, eerste lid van het Besluit niet geldt, voor zover de naleving ervan redelijkerwijs niet kan worden gevergd. De ontheffing kan hooguit tot 01.00 uur worden verleend, tenzij dit aantoonbaar niet toereikend blijkt te zijn. Dan kan in de ontheffing een ander tijdstip worden opgenomen.
**4..** Aan een ontheffing kunnen voorwaarden worden verbonden om overmatige hinder te voorkomen.
**5..** Een ontheffing dient door de houder van de inrichting, die voornemens is een incidentele festiviteit te houden, tenminste vier weken voor aanvang schriftelijk te worden aangevraagd bij de burgemeester en wethouders.
**6..** Een incidentele ontheffing wordt geweigerd wanneer naar het oordeel van de burgemeester en wethouders de woon- en leefsituatie in de omgeving van de inrichting op ontoelaatbare wijze zal worden beïnvloed.
**7..** Een ontheffing wordt tevens geacht te zijn verleend, wanneer burgemeester en wethouders op verzoek van de exploitant, binnen de inrichting een incidentele festiviteit, die redelijkerwijs niet was te voorzien, terstond toestaan.
**8..** In afwijking van het eerste, tweede en derde lid geldt voor inrichtingen, die als gevolg van het besluit niet meer vergunningplichtig zijn en waar in de vergunning een ontheffingsregeling voor geluidsgrenswaarden of verlichting was opgenomen, maximaal het voorheen in de vergunning toegestane aantal ontheffingen, waarbij het totale aantal niet meer mag bedragen dan twaalf dagen per kalenderjaar.
Artikel 3
Ontheffing incidentele festiviteiten
Onderdeel van Vrijstellingsverordening inrichtingen milieubeheer