**1..** De belasting bedoeld onder artikel 2 lid a en b is verschuldigd
bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de
aanvang van de belastingplicht.
Indien de belastingplicht met betrekking tot het perceel in de
loop van het belastingjaar aanvangt, dan wel in de loop van het
belastingjaar het aantal personen dat het perceel gebruikt meer
wordt dan één, is de belasting verschuldigd over zoveel twaalfde
gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in
dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, dan wel na
vermeerdering van het aantal personen, nog volle kalendermaanden
overblijven.
Indien de belastingplicht met betrekking tot het perceel in de
loop van het belastingjaar eindigt, dan wel in de loop van het
belastingjaar het aantal personen dat het perceel gebruikt
minder wordt dan twee, bestaat aanspraak op ontheffing voor
zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde
belasting als er in dat jaar, na het einde van de
belastingplicht, dan wel na vermindering van het aantal
personen, nog volle kalendermaanden overblijven.
**2..** De belasting bedoeld onder artikel 2 lid c is verschuldigd op het
tijdstip dat de door of vanwege de gemeente tot stand te brengen
aansluiting op de gemeentelijke riolering is aangevraagd.
Artikel 9
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing 2016