De belasting wordt niet geheven ter zake van het verblijf:
door degene, die:
als verpleegde of verzorgde in een inrichting tot verpleging
of verzorging van zieken, van gebrekkigen, van
hulpbehoevenden of van ouden van dagen verblijft;
als gebruiker van een woonwagen of woonschip als bedoeld in
de Woonwagenwet (Stb. 1968, 98) onderscheidenlijk in de Wet
op woonwagens en woonschepen (Stb. 1918, 492), daarin
overnacht;
verblijf houdt in een gemeubileerde woning indien hij ter
zake van het verblijf in of het beschikbaar houden van die
woning woonforensenbelasting is verschuldigd;
waarvoor de gemeente belasting heft ingevolge de verordening op de
heffing en invordering van een watertoeristenbelasting.
Artikel 9
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van de toeristenbelasting 2016