Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 13

De voorziening in de vorm van een persoonlijk inburgeringsbudget

Onderdeel van Verordening Wet Inburgering

1.. Het college kan aan de vrijwillige inburgeraar eenmalig een voorziening verstrekken in de vorm van een persoonlijk inburgeringsbudget, als de vrijwillige inburgeraar daartoe een verzoek indient. 2.. Indien de vrijwillige inburgeraar in aanmerking wil komen voor een persoonlijk inburgeringsbudget, dient deze hiertoe een schriftelijk verzoek in te dienen bij het college. 3.. Het verzoek dient te bestaan uit: een voorstel voor het volgen van een inburgeringsprogramma ter voorbereiding op en toeleiding naar het inburgeringsexamen of staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II of een voorstel voor het volgen van een taalkennisvoorziening gericht op verwerving van de kennis van de Nederlandse taal die noodzakelijk is voor het kunnen afronden van een beroepsopleiding (MBO 1 en 2); en een opgave van de kosten; en een toelichting waarom het persoonlijk inburgeringsbudget het meest passend is voor de vrijwillige inburgeraar. 4.. Het college neemt binnen 16 weken na ontvangst van het verzoek zoals omschreven in het vorige lid een besluit. 5.. Het college keurt het voorstel van de vrijwillige inburgeraar voor het volgen van een (duaal) inburgeringsprogramma goed, indien dit programma: niet meer kost dan € 5.000,00; en naar het oordeel van het college passend is om hem voor te bereiden op en toe te leiden naar het inburgeringsexamen of staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II; en wordt verzorgd door een inburgeringsbedrijf dat is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, beschikt over een keurmerk van de brancheorganisatie en beschikt over aantoonbare ervaring en deskundigheid op het gebied van het verzorgen van inburgeringsprogramma’s. 6.. Het college keurt het voorstel van de vrijwillige inburgeraar voor het volgen van een taalkennisvoorziening goed, indien deze taalkennisvoorziening: niet meer kost dan € 5.000,00; en naar het oordeel van het college passend is om hem de kennis van de Nederlandse taal te laten verwerven die noodzakelijk is voor het kunnen afronden van een mbo-opleiding op niveau 1 of 2; en wordt verzorgd door het ROC, dan wel een inburgeringsbedrijf dat is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, beschikt over een keurmerk van de brancheorganisatie en beschikt over aantoonbare ervaring en deskundigheid op het gebied van het verzorgen van taalkennisvoorzieningen. 7.. Als het college de voorziening in de vorm van een persoonlijk inburgeringsbudget heeft vastgesteld, sluiten het college en de vrijwillige inburgeraar een overeenkomst met het inburgeringsbedrijf.

Rechtspraak bij dit artikel