Degene die het voornemen heeft op een openbare plaats
een betoging te houden, waaronder begrepen een
samenkomst als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de
Wet openbare manifestaties, geeft daarvan vóór de
openbare aankondiging en ten minste 96 uur voordat de
betoging wordt gehouden, schriftelijk kennis aan de
burgemeester.
De kennisgeving bevat:
naam en adres van degene die de betoging houdt;
het doel van de betoging;
de datum waarop de betoging wordt gehouden en het
tijdstip van aanvang en beëindiging;
de plaats en, voor zover van toepassing, de route en de
plaats van beëindiging;
voor zover van toepassing, de wijze van samenstelling;
en
maatregelen die degene die de betoging houdt zal treffen
om een regelmatig verloop te bevorderen.
Degene die de kennisgeving doet, ontvangt daarvan een
bewijs waarin het tijdstip van de kennisgeving is
vermeld.
Indien het tijdstip van de schriftelijke kennisgeving
valt op een vrijdag na 12.00 uur, een zaterdag, een
zondag of een algemeen erkende feestdag, wordt de
kennisgeving geacht te zijn gedaan op de eerstvolgende
werkdag om 08.00 uur.
De burgemeester kan in bijzondere omstandigheden op
verzoek de in het eerste lid genoemde termijn verkorten
en/of een mondelinge kennisgeving in behandeling
nemen.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 2
Artikel 2:3
Kennisgeving betogingen en samenkomsten op openbare plaatsen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening