Het mondeling afleggen van de ambtseedAmbtseed verwijst tevens naar het afleggen van de belofte. overeenkomstig het hierbij gevoegde formulier wordt verplicht gesteld voor al het gemeentepersoneel.
De ambtseed luidt als volgt:
Ik zal mij inzetten voor het algemeen belang van de gemeente Breda en het welzijn van haar burgers;
Ik zal loyaal zijn ten opzichte van het door de bestuursorganen van de gemeente vastgestelde beleid;
Ik beloof dat ik plichtsgetrouw en nauwgezet mijn functie voor de gemeente Breda zal uitoefenen;
Ik zal geen misbruik maken van de overheidsmacht die mij is toevertrouwd;
Ik zal de Grondwet en alle overige wetten van ons land eerbiedigen;
Ik zal voorkomen dat mijn gedrag het aanzien van de gemeente Breda en het ambt schaadt;
Ik zal onpartijdig handelen;
Ik zal zorgvuldig omgaan met vertrouwelijke informatie en gemeentelijke eigendommen;
Ik zal mij houden aan het gestelde in de ambtelijke gedragslijn van de gemeente Breda.
De ambtseed wordt afgelegd op de eerste werkdag voor nieuwe werknemers ten overstaan van de directeur van de directie waar de betreffende medewerker werkzaam is. De directeur kan deze taak delegeren aan het hoofd van de afdeling waar de medewerker werkzaam is. Indien de nieuwe medewerker in de functie van directeur is benoemd, legt hij de ambtseed af ten overstaan van de gemeentesecretaris.
Voor uitzendkrachten/ gedetacheerden/ tijdelijke inhuur/ stagiaires geldt dat zij de ambtseed afleggen indien zij voor langer dan twee maanden zijn aangetrokken cq aangesteld.
De te beëdigen medewerker is vrij om te kiezen tussen het afleggen van de ambtseed en belofte.
Het afleggen van de ambtseed gebeurt als volgt:
Aan de eedsaflegging, gaat een korte toespraak vooraf, waarin gewezen wordt op de bijzondere verantwoordelijkheid van de gemeente. Tevens wordt aandacht besteed aan de bijzondere positie van het personeel van de gemeente en wordt de waarde en inhoud van de ambtseed toegelicht.
Vervolgens wordt de ambtseed duidelijk voorgelezen door de directeur/het afdelingshoofd.
Degene, die de ambtseed aflegt, moet vervolgens de twee voorste vingers van zijn rechterhand aaneengesloten opsteken en daarbij de woorden uitspreken: “Zo waarlijk helpe mij God almachtig”;
Degene, die de belofte aflegt, spreekt de woorden: “Dat beloof ik”.
Het afleggen en afnemen van de ambtseed moet staande plaatsvinden. Afwijkingen van de voorgeschreven vorm zijn toegestaan, bij lichamelijke beperkingen, of indien de indiensttredende medewerker zich verplicht acht de ambtseed op een andere wijze af te leggenDe ambtseed kan op andere wijze plaatsvinden indien betrokkene dat op grond van zijn godsdienstige gezindheid meent te moeten doen. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het aanroepen van Allah..
Naast de mondelinge aflegging van de ambtseed moet in tweevoud een formulier volgens bijgaand model worden opgemaakt en ondertekend. Een exemplaar wordt uitgereikt aan de medewerker die de ambtseed heeft afgelegd. Het andere exemplaar wordt door de directeur/het afdelingshoofd naar SSC/P&O gestuurd. SSC/P&O voegt het formulier toe aan het personeelsdossier
Het in dienst zijnde personeel, dat al een ambtseed of een schriftelijke verklaring volgens een tot nu toe geldende regeling heeft afgelegd, behoeft niet opnieuw een ambtseed af te leggen.
Het in dienst zijnde personeel, dat nog geen ambtseed of een schriftelijke verklaring volgens een tot nu toe geldende regeling heeft afgelegd, legt alsnog de ambtseed af. Voor deze medewerkers worden workshops over integriteit georganiseerd tijdens welke de ambtseed ten overstaan van de directeur/het afdelingshoofd wordt afgelegd en de verklaring wordt ondertekend. Indien de medewerker, om welke reden dan ook, niet deelneemt aan een dergelijke workshop, is het de verantwoordelijkheid van de directeur/het afdelingshoofd dat de medewerker alsnog de ambtseed aflegt en het formulier ondertekent.
Indien een medewerker weigert de ambtseed af te leggen en/of het formulier te ondertekenen dient de medewerker dit schriftelijk te motiveren. Deze verklaring van de medewerker wordt vervolgens in zijn personeelsdossier opgenomen.
Deze regeling gaat in op 1 september 2010.