Werkgever en werknemer verplichten zich over en weer om tot het uiterste te gaan om ‘van werk naar werk’ te komen. Daartoe kunnen, conform het gestelde in artikel 48:1:1:16 (procedure bij niet geslaagde interne plaatsing), afspraken worden gemaakt over door- en uitstroombevorderende maatregelen, teneinde te bereiken dat medewerkers:
in een andere passende functie, dan wel in een geschikte functie kunnen worden geplaatst;
reële mogelijkheden krijgen zich buiten de gemeentelijke organisatie een positie te verwerven.
Medewerkers voor wie als gevolg van reorganisatie een andere functie moet worden gezocht, verkrijgen de status van herplaatsingkandidaat en genieten bij de invulling van vacatures bij te verwachten geschiktheid als regel voorrang boven andere interne kandidaten.