Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 56:0:0:10

Hoorzitting

Onderdeel van CAR/BUWO

De commissie bepaalt plaats en tijdstip van de hoorzitting, waarin bezwaarde en het college in de gelegenheid worden gesteld zich in persoon of bij gemachtigde door de commissie te doen horen. Degene die namens een bezwaarde ter zitting het woord wenst te voeren moet een schriftelijke en door deze ondertekende machtiging overleggen, tenzij hij als advocaat of procureur is ingeschreven of de bezwaarde zelf met hem verschijnt. De beslissing tot het afzonderlijk horen in de gevallen als bedoeld in artikel 7:6, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, wordt genomen door de voorzitter. De voorzitter beslist tevens of ter uitvoering van de in artikel 7:6, vierde lid van de Algemene wet bestuursrecht gegeven bevoegdheid, toepassing van het derde lid achterwege blijft. De commissie kan bepalen dat bezwaarschriften over dezelfde zaak gevoegd worden behandeld, tenzij een van de bezwaarden zich hiertegen verzet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel