Het college verstrekt een vervoersvoorziening in de vorm van aangepast vervoer aan de ouders van de leerling die een school zoals bedoeld onder artikel 9 bezoekt, indien:
aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening zoals bedoeld in de artikelen 10 of 11 en de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar school of terug meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met aangepast vervoer tot ten hoogste 1,5 uur kan worden teruggebracht;
aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening zoals bedoeld in de artikelen 10 of 11 en openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het oordeel van het college al dan niet onder begeleiding gebruik kan maken van het vervoer per bromfiets / scooter of fiets;
aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening zoals bedoeld in artikel 11 en door de ouders ten behoeve van het college genoegzaam wordt aangetoond dat begeleiding van de leerling door henzelf of anderen onmogelijk is dan wel tot ernstige benadeling van het gezin zal leiden en een andere oplossing niet mogelijk is; of
de leerling, naar het oordeel van het college, gelet op zijn structurele lichamelijke, verstandelijke, psychische of zintuiglijke handicap niet in staat is –ook niet onder begeleiding– van openbaar vervoer gebruik te maken.
Indien begeleiding in het aangepast vervoer vereist is, kent het college geen andere vervoersvoorziening toe dan op basis van de vervoerskosten welke verbonden zijn aan de begeleiding van de leerling in het aangepast vervoer
Paragraaf 2
Artikel 12.
Vervoersvoorziening in de vorm van aangepast vervoer
Onderdeel van Verordening leerlingenvervoer gemeente Veendam 2015