Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 25

Bijzondere bijstand aan jongeren voor algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan.

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand en minimabeleid in 2015 en volgende jaren

Voor jongeren van 18, 19 of 20 jaar heeft de wetgever aparte bijstandsnormen in het leven geroepen. Deze staan vermeld in artikel 20 Participatiewet. In sommige gevallen zijn deze bijstandsnormen voor deze personen niet toereikend om in de noodzakelijke kosten van het bestaan te voorzien. Het verstrekken van aanvullende bijzondere bijstand behoort dan tot de mogelijkheden. Op grond van artikel 12 Participatiewet heeft een persoon van 18, 19 of 20 jaar namelijk recht op bijzondere bijstand voor zover zijn noodzakelijke kosten van het bestaan uitgaan boven de norm genoemd in de Participatiewet en deze persoon voor deze kosten geen beroep kan doen op zijn ouders, omdat: de middelen van de ouders daartoe niet toereikend zijn of; de persoon redelijkerwijs zijn onderhoudsplicht jegens zijn ouders niet te gelde kan maken. De toe te kennen bijzondere bijstand wordt beperkt tot een aanvulling van 50% van de. de rijksnorm een echtpaar. Het gestelde in lid c geldt niet als de jongere aantoonbaar hogere kosten van bestaan heeft, waardoor aanvulling tot de uitkeringsnorm niet afdoende is om in de algemeen noodzakelijke kosten van bestaan te voorzien.

Rechtspraak bij dit artikel