**1..** De precariobelasting wordt niet geheven van:
zonneschermen en markiezen;
erkers, balkons, luifels, uitstalkasten en dergelijke, die
geacht kunnen worden deel van de gevel uit te maken;
voorwerpen als bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel,
indien deze, gerekend van de grens van de voor de openbare
dienst bestemde gemeentegrond of -water, niet meer dan 0,15 m
over die grond of water uitsteken;
voorwerpen te algemene nutte;
indien en voor zover daarvoor op grond van bijzondere
verordeningen van de gemeente een andere belasting wordt
geheven;
voor vlaggenstokken en de daaraan bevestigde vlaggen en wimpels
welke niet worden gebruikt voor reclamedoeleinden;
ten aanzien van inrichtingen, met bijbehorende wagens, schepen
en dergelijke, waarvoor plaatsen zijn verpacht voor de
jaarlijkse feestweek;
voorwerpen ten behoeve van de uitvoering van bouwwerken in door
het college van burgemeester en wethouders aan te wijzen
gedeelten van de gemeente, waar grote complexen woningen in
aanbouw zijn, totdat deze aanwijzing door het college van
burgemeester en wethouders weer wordt ingetrokken;
uitstallinkjes, etc. voor winkels en dergelijke bedrijven;
voorwerpen, waarvan de gemeente genothebbende krachtens
eigendom, bezit of beperkt recht
is, met uitzondering van voorwerpen die in gebruik zijn bij een
derde.
**2..** De belasting wordt niet geheven van voorwerpen, indien de gemeente van
het gebruik van de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond waarop
het voorwerp of de voorwerpen zich bevinden een recht heft op grond van
artikel 229, eerste lid, onderdeel a, van de Gemeentewet, dan wel een
privaatrechtelijke vergoeding is overeengekomen.
Artikel 4
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2016