Naar hoofdinhoud

Artikel 13.

Bijdrage in de kosten

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Beuningen 2015

1.. Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd: voor het gebruik van een algemene voorziening, niet zijnde cliëntondersteuning, als de aanbieder die vraagt; voor een maatwerkvoorziening in natura dan wel een pgb tenzij in het financieel besluit anders is bepaald. 2.. De bijdrage in de kosten overstijgt niet de kostprijs van de voorziening. 3.. De kostprijs van een maatwerkvoorziening in natura wordt bepaald: door een aanbesteding; na een consultatie in de markt, of in overleg met de aanbieder. 4.. De kostprijs van een pgb is gelijk aan de hoogte van het aan een cliënt uitgekeerde bedrag. 5.. Het college regelt in het financieel besluit de omvang van de bijdrage in de kosten met inachtneming van het uitvoeringsbesluit. 6.. Het college kan de vaststelling en inning van de bijdrage in de kosten van de client voor een maatwerkvoorziening voor opvang mandateren aan de aanbieder die de opvang verzorgt. 7.. Als een maatwerkvoorziening in natura of een pgb wordt verstrekt ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is de bijdrage in de kosten verschuldigd door: de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene aan wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt. 8.. In afwijking van het vorige lid is in ieder geval geen bijdrage verschuldigd als de ouders van het gezag over de cliënt zijn ontheven of ontzet. 9.. Het college kan nadere regels stellen ten aanzien van de vaststelling van de bijdrage in de kosten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel