**1..** Het college kan uit de bijdragen genoemd in artikel 2, bijdragen verstrekken voor projecten en activiteiten ter bevordering van de nieuwbouw van woningen en de verbouw van gebouwen in het algemeen en het realiseren van sociale huurwoningen en betaalbare koopwoningen in het bijzonder.
**2..** De ontvangen bijdragen worden ingezet ter dekking van één of meer van de volgende kosten:
Kosten voor het tijdelijk inhuren van extra personele capaciteit ten behoeve van het versneld realiseren van woningen in het algemeen en sociale huurwoningen en betaalbare koopwoningen in het bijzonder.
Directe project- en proceskosten in de grondexploitatie voor woningbouwprojecten die na 1 januari 2005 zijn of worden gerealiseerd en die zonder geldelijke steun niet of niet volgens het gewenste woningbouwprogramma aangegeven in de (gemeentelijke) Woonvisie 2003-2007 zouden kunnen worden gerealiseerd.
Omzettingskosten van koop- en huurprojecten, indien de start van de bouw door marktomstandigheden stagneert, bijvoorbeeld door onvoldoende voorverkoop.
Extra kosten voor het toevoegen van kwaliteit in projecten met sociale huurwoningen, middeldure huurwoningen en betaalbare koopwoningen, door toepassing van één of meerdere Woonkeur Pluspakketten.
**3..** De feitelijke inzet van de bijdragen vindt plaats op initiatief van het college. Het college geeft daarbij aan voor welke van de in lid 2 genoemde kosten de bijdragen zullen worden aangewend.
**4..** Geen bijdragen worden verstrekt in de bouwkosten van woningen of in de vorm van een directe subsidie aan de toekomstige bewoner van een woning.
Hoofdstuk 2
Artikel 3
Inzet
Onderdeel van Verordening inzet KAN woningbouwbudget in de gemeente Rheden