1.Indien zich op een terrein één of meer iepen bevinden die naar
het oordeel van het college gevaar opleveren van verspreiding
van de iepziekte of voor vermeerdering van de iepenspintkever,
is de rechthebbende, indien hij daartoe door het college is
aangeschreven, verplicht binnen een termijn van veertien
dagen:
**a..** indien de iepen in de grond staan, deze te vellen;
**b..** de iepen te ontbasten en de bast te vernietigen;
**c..** de niet ontbaste iepen of delen daarvan te vernietigen of
zodanig te behandelen dat verspreiding van de iepziekte wordt
voorkomen.
Het is verboden gevelde iepen of delen daarvan
voorhanden of in voorraad te hebben of te vervoeren. Dit
verbod is niet van toepassing op geheel ontbast
iepenhout en op iepenhout met een doorsnede kleiner dan
4 cm. Het college kan ontheffing verlenen van dit
verbod.
Het niet voldoen aan de in het eerste lid bedoelde
aanschrijving biedt een basis voor de toepassing van
bestuursdwang, waarbij de noodzakelijke werkzaamheden,
voor risico en voor rekening van aangeschrevene, door of
namens de gemeente kunnen worden verricht.
HOOFDSTUK 4 › AFDELING 3
Artikel 4.11k
- Bestrijding van iepziekte
Onderdeel van Algemeen plaatselijke verordening van de gemeente Tholen