Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 36.

Initiatiefvoorstel

Onderdeel van Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad 2016

1.. Raadsleden kunnen initiatiefvoorstellen schriftelijk indienen bij de voorzitter. 2.. Een initiatiefvoorstel moet om in de eerstvolgende vergadering in behandeling genomen te kunnen worden uiterlijk 7 dagen vóór de dag waarop de agendacommissie voorafgaand aan de commissiecyclus vergadert schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend. 3.. De voorzitter meldt de ontvangst van het voorstel aan de agendacommissie. De agendacommissie beslist over de agendering van het voorstel voor de raadscommissie. De voorzitter beslist over de agendering voor de raad. De voorzitter stelt het college van burgemeester en wethouders op de hoogte van het voorstel. Het college kan gevraagd en ongevraagd zijn advies/zienswijze over een initiatiefvoorstel aan de raadscommissie en de raad uitbrengen. Collegeadviezen worden zo spoedig mogelijk naar de raadsleden gezonden. 4.. Een initiatiefvoorstel aan de raad dat vermeld staat op de agenda van de raadsvergadering kan niet worden ingetrokken zonder toestemming van de raad. 5.. De raad kan ter vergadering bepalen, dat: het voorstel met het oog op de orde van de vergadering tezamen met een ander geagendeerd voorstel of onderwerp dient te worden behandeld; voor zover dit niet reeds is geschied het voorstel eerst dient te worden behandeld in een raadscommissie; het voorstel voor advies naar het college dient te worden gezonden. In de laatste twee gevallen bepaalt de raad in welke vergadering het voorstel opnieuw geagendeerd wordt. 6.. In geval van spoed is zijn de artikelen 9, lid 2 en 10, lid 1 van deze verordening van overeenkomstige toepassing. 7.. Op een spoedeisend initiatiefvoorstel inhoudende het ontslag van een wethouder zijn de bepalingen in dit artikel niet van toepassing. Een dergelijk voorstel kan na instemming van de raad terstond aan de agenda toegevoegd worden.

Rechtspraak bij dit artikel