**1..** Het college weigert een vergunning voor een staan- of ligplaats indien: 7
**a..** de aanvrager niet is ingeschreven in het register;
**b..** niet wordt voldaan aan artikel 3.3 tweede lid;
**c..** het innemen van de staan- of ligplaats in strijd is met een geldend bestemmingsplan dan wel stadsvernieuwingsplan en/of leefmilieuverordening in de zin van de Wet op de stads- en dorpsvernieuwing; of
**d..** voor een initiatiefplaats geen aanwijzing als bedoeld in artikel 3.4, eerste lid, heeft plaatsgevonden.
**2..** Het college kan een vergunning voor een staan- of ligplaats weigeren in het belang van de ordening van de ambulante handel, het woon- en leefklimaat, het uiterlijk aanzien van de omgeving, het voorkomen of beperken van overlast of verontreiniging, of de veiligheid van het verkeer.
**3..** Het college weigert een vergunning om te venten indien de aanvrager niet is ingeschreven in het register.
**4..** Het college kan een vergunning om te venten weigeren in het belang van de openbare orde, het voorkomen of beperken van overlast, of de veiligheid van het verkeer.
**5..** Het college kan een vergunning als bedoeld in de voorgaande leden, alsmede een ontheffing of een partnerkaart voor bepaalde of onbepaalde termijn intrekken:
**a..** indien de houder niet meer beschikt over een geldig bewijs van inschrijving in het register;
**b..** indien een wijziging is opgetreden in de waren waarmee de houder zich in het register heeft laten inschrijven;
**c..** indien ter verkrijging van de beschikking zodanig onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt dat de beschikking zou zijn geweigerd als de juiste gegevens bekend waren geweest;
**d..** op verzoek van de houder;
**e..** na diens overlijden;
**f..** indien de plaats van de houder op de sollicitantenlijst is doorgehaald;
**g..** indien de houder van de beschikking geen gebruik maakt binnen een daarin gestelde termijn of, bij gebreke daarvan, binnen een redelijke termijn;
**h..** indien de houder van de lig- of staanplaats, de houder van een partnerkaart of degene die de ambulante handelaar met toepassing van artikel 3.9 vervangt:
**1.** °. de orde verstoort of in gevaar brengt;
**2.** °. zich aan wangedrag of bedrog schuldig maakt;
**3.** °. de toezichthouders op de naleving van deze verordening in de uitoefening van hun taak belemmert;
**4.** °. niet of niet tijdig voldoen van de verschuldigde heffing voor het innemen van een staan- of ligplaats;
**5.** °. anderszins in strijd handelt met hetgeen bij of krachtens deze verordening is bepaald;
**i..** indien de houder de aan de beschikking verbonden voorschriften of beperkingen niet naleeft; 8
**k..** indien op grond van een wijziging van omstandigheden of inzichten moet worden aangenomen dat de intrekking wordt gevorderd door het belang of de belangen ter bescherming waarvan het beschikkingsvereiste is gesteld.
Hoofdstuk 6
Artikel 6.1
Weigerings- en intrekkingsgronden beschikkingen straathandel
Onderdeel van Verordening staan- en ligplaatsen buiten de markt en venten