Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Beleidsregels Jeugdhulp Den Helder 2016

1.. Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Jeugdwet, Wmo, de Algemene wet bestuursrecht en de Gemeentewet. 2.. In deze beleidsregels wordt verstaan onder: Basisvoorziening Een aanbod van diensten of activiteiten dat, zonder voorafgaand onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de jeugdige en/of zijn ouders en zonder beschikking, toegankelijk is en dat is gericht op jeugdhulp. Hierbij kan een onderscheid gemaakt worden tussen voorzieningen in de markt, waarmee de gemeente geen bemoeienis heeft en voorzieningen die geheel of gedeeltelijk door de gemeente worden bekostigd. Deze voorzieningen zijn voorliggend aan de individuele voorziening. Wanneer het niveau van de basisvoorzieningen in de gemeente hoog is, is er minder reden voor inwoners om aanspraak te maken op individuele voorzieningen. Veel inwoners kunnen dan, ondanks eventuele beperkingen, langer blijven “meedoen”. Voorbeelden van basisvoorzieningen zijn: kinderopvang, buitenschoolse opvang en peuterspeelzaalwerk buurthuizen, jeugdcentra jeugd- en jongerenwerk vrijwillige thuishulp burenhulp jeugdgezondheidszorg voorzieningen voor ontspanning, sport/bewegen, kunst en cultuur opvoedondersteuning Sociale netwerk Personen uit de huiselijke kring of andere personen met wie de cliënt een sociale relatie onderhoudt. Binnen de uitvoering van de Jeugdwet wordt ernaar gestreefd om ouders zoveel mogelijk zelf verantwoordelijk te houden voor de opvoeding van hun kind. Hier zijn echter meer mensen bij betrokken, want een kind groeit niet op in een geïsoleerde omgeving. Naast de eigen netwerken van mensen zijn er allerlei particuliere initiatieven en vrijwilligersorganisaties in Den Helder die een belangrijke bijdrage leveren aan onderlinge hulp- en dienstverlening en het versterken van de sociale cohesie. Denk bijvoorbeeld aan de vrijwillige hulpdiensten (al dan niet van de buren), buurtteams en maatjesprojecten. Maar hier vallen uiteraard ook de scholen en de sportverenigingen onder. Algemeen gebruikelijke voorzieningen Algemeen gebruikelijke voorzieningen zijn in principe voor iedereen beschikbaar, of mensen nu wel of geen beperking hebben. Wat in een concrete situatie algemeen gebruikelijk is, hangt vaak af van de geldende maatschappelijke normen op het moment van de aanvraag. Algemeen gebruikelijke voorzieningen hoeven niet vanuit de Jeugdwet te worden verstrekt. Een voorziening is algemeen gebruikelijk als deze: - niet speciaal bedoeld is voor mensen met een beperking, én; - in de reguliere handel verkrijgbaar is, én - in prijs vergelijkbaar is met soortgelijke producten. Heel duidelijk zijn deze criteria niet. De jurisprudentie verwoordt het zo: “een voorziening waarvan aannemelijk is te achten dat belanghebbende daarover ook zou hebben beschikt als hij niet gehandicapt was” Gebruikelijke zorg Voor de beschrijving van de gebruikelijke zorg sluit de gemeente Den Helder aan bij het door het CIZ ontwikkelde protocol gebruikelijke zorg. Gebruikelijke zorg is de normale, dagelijkse zorg die partners, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten geacht worden elkaar onderling te bieden. Wanneer sprake is van gebruikelijke zorg wordt in principe geen individuele voorziening voor zorg of ondersteuning gegeven. Individuele voorziening (in het kader van specialistische hulp) Niet alle problemen zijn nabij, in de buurt en via de inzet van het eigen netwerk, informele zorg of basisvoorzieningen op te lossen. Soms hebben inwoners specifieke, specialistische en/of intensieve ondersteuning nodig. Het gaat om een voorziening die vaak bovenlokaal, regionaal of soms zelfs landelijk is georganiseerd, zoals crisisopvang, pleegzorg, jeugdbescherming. Ook als deze ‘zwaardere’ vormen van hulp nodig zijn, blijft het uitgangspunt van nabijheid overeind. Persoonsgebonden budget Een persoonsgebonden budget is een door het college verstrekt budget aan een jeugdige of zijn ouders, dat hen in staat stelt de jeugdhulp die tot de individuele voorziening behoort van derden te betrekken. Goedkoopst adequaat De gemeente mag de voorziening die het goedkoopst adequaat is inzetten. Dit begrip betekent zoveel als dat de voorziening doelmatig moet zijn. Het begrip heeft zowel betrekking op een voorziening in natura als op een persoonsgebonden budget (pgb). Adequaat gaat over een kwalitatief goede en het best bij de ondersteuningsbehoefte passende voorziening. Cliëntondersteuning Onder cliëntondersteuning wordt verstaan: Onafhankelijke ondersteuning met informatie, advies en algemene ondersteuning die bijdraagt aan het versterken van de zelfredzaamheid en participatie en het verkrijgen van een zo integraal mogelijke dienstverlening op het gebied van maatschappelijke ondersteuning, preventieve zorg, zorg, jeugdhulp, onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen . De gemeente Den Helder heeft een overeenkomst met MEE aangaande cliëntenondersteuning. Daarnaast zijn er diverse andere aanbieders die een vorm van cliëntondersteuning bieden in de gemeente Den Helder (Stichting Mantelzorgorganisatie, De Wering etc.). In een familiegroepsplan staat welke problemen de jeugdige of het gezin heeft, welke hulp nodig is, en wie die hulp geeft. Ouders, familieleden of andere directbetrokkenen kunnen een familiegroepsplan maken. Op deze manier kunnen zij meedenken en mee helpen aan een oplossing. Een jeugdige kan om allerlei redenen hulp nodig hebben, bijvoorbeeld bij opgroei- en opvoedproblemen, zorg vanwege een beperking of psychische behandeling. De familie en het sociale netwerk krijgen in die situaties eerst de gelegenheid om samen een plan voor de hulpverlening te maken. Dit geldt ook als het kind of de jongere te maken heeft met jeugdbescherming. De ouders moeten dan wel het ouderlijk gezag hebben over hun kind. Een familiegroepsplan geeft familie en het sociale netwerk meer verantwoordelijkheid en meer controle. Mensen in het sociale netwerk zijn overigens niet altijd familie; het is ook mogelijk bijvoorbeeld een leraar, bevriende buur of wijkteam te betrekken. In het plan kan zowel hulp uit het eigen netwerk als professionele hulp beschreven worden. Direct betrokkenen hebben het recht om zelf een plan te maken, maar het is geen plicht. Als zij geen plan maken, zal de professionele hulpverlening dat doen. Persoonlijk pgb-plan De cliënt moet motiveren dat het bestaande aanbod van zorg in natura niet passend is. In het plan moet duidelijk worden aangetoond dat de verstrekking van een pgb aantoonbaar leidt tot betere en effectievere ondersteuning. Ook dient de ondersteuning aantoonbaar doelmatiger te zijn, dan een voorziening via Zorg in Natura (ZIN). De gemeente beoordeelt of dit plan voldoet. Gespreksverslag Het gespreksverslag is een verslag opgesteld door het college in overleg met de cliënt en is een weergave van de uitkomsten van het onderzoek tijdens het gesprek. Verordening De Verordening Jeugdhulp Den Helder 2016 Woonplaatsbeginsel De verantwoordelijke gemeente voor de in te zetten hulp is in beginsel de gemeente waar de ouder met gezag woont. Als een jeugdige en zijn of haar ouders hulp nodig hebben, wordt eerst bekeken waar het gezag ligt. Daarna wordt vastgesteld wat het adres is. Zo wordt duidelijk welke gemeente verantwoordelijk is voor de desbetreffende jeugdige. Bij een verhuizing, een wijziging in het gezag of als de jeugdige meerderjarig wordt, verandert de situatie. Voor de nieuwe situatie moet opnieuw worden bepaald welke gemeente op dat moment de verantwoordelijke gemeente is. Vertegenwoordiger Onder vertegenwoordiger wordt verstaan: Een persoon of rechtspersoon die een cliënt vertegenwoordigt die niet in staat kan worden geacht tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake.

Rechtspraak bij dit artikel