Het college weigert het persoonsgebonden budget op grond van één of meerdere van onderstaande redenen:
De aanvrager heeft onjuiste of onvolledige gegevens verstrekt;
De aanvrager voldoet niet aan de pgb verbonden voorwaarden zoals omschreven in hoofdstuk 6;
De aanvrager gebruikt het pgb niet of voor een ander doel;
De aanvrager heeft in de afgelopen 3 jaar misbruik gemaakt van enige voorziening in het sociale domein, waaronder begrepen het niet voldoen aan de voorwaarden van een eerder verleende pgb;
De aanvrager neemt deel aan een schuldhulpverleningstraject in het kader van de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp);
De aanvrager is (volgens de rechtbank) handelingsonbekwaam verklaard;
De aanvrager beschikt niet over een vaste woon- of verblijfplaats;
De aanvrager beschikt niet over een bankrekening;
Op grond van de progressiviteit van een ziektebeeld is te voorzien dat de individuele voorziening spoedig door een andere voorziening vervangen dient te worden;
De jeugdige heeft een kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering gekregen of is opgenomen in een gesloten accommodatie met een machtiging;
Een pgb is als gevolg van de beperkingen van de jeugdige voor de jeugdige of voor derden onveilig.