Naar hoofdinhoud
Belasting als bedoeld in artikel 1 wordt niet geheven voor: het hebben van voorwerpen, die ingevolge een wettelijk voorschrift moeten worden gedoogd; het - uitsluitend ten behoeve van de bouw van woningen in een uitbreidingsplan - bezetten, beleggen, afschutten, of overdekken van grond, die nog niet van een verharding is voorzien of op andere wijze geschikt is gemaakt voor het bestemde doel; het hebben van wegwijzers en verkeersaanwijzingen van de Koninklijke Nederlandse Toeristenbond A.N.W.B. en van andere overeenkomstige instellingen; het hebben van voorwerpen, uitsluitend gebezigd voor een liefdadig doel; het hebben van niet tot reclame dienende vlaggenstokken en vlaggen; het hebben van pilasters, plinten, kozijndorpels, gevelversieringen, goten, puilijsten, goot- of kroonlijsten, spionnen, e.d.; voor het hebben van buizen tot lozing van fecaliën, van huishoud-, bedrijfs- of hemelwater, aansluitend op de riolering; het hebben van borden, masten, palen e.d., die in verband met de verkiezingen van publiekrechtelijke lichamen zijn aangebracht; het hebben van straatversieringen en /of -verlichting in verband met speciale gelegenheden, alsmede het hebben van uithangtekens van het Sint Nicolaas- of Kerstfeest, in beide gevallen voorzover met die voorwerpen geen reclame wordt gemaakt of beoogd voor bepaalde winkels of artikelen; het hebben van wachthuisjes, niet tot reclame dienende aanwijzingen e.d., welke uitsluitend ten behoeve van reizigers op de route van openbare vervoersbedrijven zijn geplaatst; het hebben van voorwerpen ten behoeve van centrale antenne-installaties voor de ontvangst van radio- en televisie-uitzendingen; het hebben van voorwerpen betreffende tijdelijke kleinschalige activiteiten met niet-commerciële doelstellingen van culturele, maatschappelijke en sociale instellingen, of daarmee gelijk te stellen instellingen met ideële motieven, waarbij de activiteiten in hoofdzaak worden verricht door vrijwilligers.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel