**1..** De in artikel 16 bedoelde ambtenaren hebben te allen tijde toegang tot alle schepen en terreinen waar zich schepen bevinden, voorzover de betreding redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is.
**2..** Aan hen wordt, ieder voor zoveel betreft de zaken welke aan zijn bijzondere opsporing zijn toevertrouwd, de last verstrekt te allen tijde in ruimten die als woning in gebruik zijn ondanks de wil van de bewoners of de gebruikers, binnen te treden, zulks met inachtneming van bepaalde bij de Wet van 31 augustus 1853 (S. 83), laatstelijk gewijzigd bij de Wet van 23 oktober 1968 (Stb. 567).
**3..** Zij zijn tevens bevoegd afgifte te vorderen van ingetrokken vergunningen.
**4..** De eigenaar en de schipper zijn verplicht aan de in artikel 16 bedoelde ambtenaren op hun verlangen alle medewerking te verlenen en alle inlichtingen te verstrekken die zij redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak behoeven.
Artikel 17.
Artikel 17.
Onderdeel van Verordening houdende bepalingen ter bevordering van de veiligheid van de vaart van passagiersschepen.