Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3:

Artikel 16

Woonkostentoeslag voor huurders en eigenaren

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand 2016 gemeente Veldhoven

Woonkostentoeslag voor een huurwoning, woonwagen of woonschip: Indien belanghebbende een woning bewoont, waarvan de hoogte van de woonkosten, gelet op artikel 13 van de Wet op de huurtoeslag geen belemmering vormt voor de toekenning van die huurtoeslag, maar hij door omstandigheden buiten zijn schuld nog geen aanspraak kan maken op deze toeslag, wordt bijzondere bijstand in de vorm van een woonkostentoeslag verstrekt tot de datum waarop belanghebbende wel in aanmerking komt voor huurtoeslag. De woonkostentoeslag is gelijk aan het bedrag van de huurtoeslag die belanghebbende gelet op zijn financiële situatie op grond van de Wet op de huurtoeslag voor de woonkosten per maand zou ontvangen. Woonkostentoeslag voor een eigen woning: Indien belanghebbende een woning in eigendom heeft, waar hij in woont, waarvan de hoogte van de woonkosten gelet op artikel 13 van de Wet op de huurtoeslag geen belemmering zou vormen voor toekenning van een huurtoeslag, wordt bijzondere bijstand in de vorm van woonkostentoeslag verstrekt. De woonkostentoeslag is gelijk aan het bedrag van de huurtoeslag die belanghebbende op grond van de Wet op de huurtoeslag, gelet op zijn financiële situatie, voor de woonkosten per maand zou ontvangen. De woonkostentoeslag wordt verstrekt tot de datum waarop de belanghebbende wel aanspraak kan maken op huurtoeslag. Als huurtoeslag niet aan de orde is, wordt de woonkostentoeslag verstrekt zolang de noodzaak vaststaat. Het recht wordt 6-maandelijks herbeoordeeld. Aan bijstandsverlening zoals beschreven in het derde lid wordt met toepassing van artikel 55 van de Participatiewet de verplichting verbonden dat belanghebbende zo spoedig mogelijk verhuist naar een goedkopere woning, dan wel indien de woning een eigen woning betreft, de woning zo spoedig mogelijk te koop aanbiedt en goedkopere woonruimte zoekt, tenzij zwaarwegende belangen zich daartegen verzetten. De verhuisplicht en de inspanningsverplichting om een alternatieve goedkopere woonruimte te vinden wordt van meet af aan opgelegd. Bbz Indien belanghebbende een uitkering in gevolge het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz 2004) ontvangt, wordt bij de vaststelling van de uitkering op verzoek van belanghebbende rekening gehouden met een woonkostentoeslag. De woonkostentoeslag wordt in de vorm van een renteloze lening verstrekt.De hoogte van de woonkostentoeslag wordt vastgesteld conform de rekenregels van de WHT en de begrenzingen van de woonkostentoeslag in hoogte en duur, zoals bij algemene richtlijnen voor bijzondere bijstand zijn gesteld. De verhuisplicht wordt niet opgelegd bij gevestigde zelfstandigen die tijdelijk, voor de duur van maximaal 12 maanden een beroep doen op het Bbz. De verhuisplicht wordt wel opgelegd bij startende zelfstandigen, oudere zelfstandigen en beëindigende zelfstandigen. Indien een afwijzing leidt tot een onbillijke situatie, kan de hardheidsclausule worden ingezet.

Rechtspraak bij dit artikel