**1..** In afwijking van het gestelde in artikel 17 verleent het college geen uitstel indien de belanghebbende over een vermogen beschikt als bedoeld in het vijfde lid.
**2..** In afwijking van het gestelde in artikel 24, tweede en derde lid ziet het college niet af van invordering als bedoeld in artikel 24 indien de belanghebbende over een vermogen beschikt als bedoeld in het vijfde lid.
**3..** In afwijking van het gestelde in artikel 27, derde lid, artikel 29, eerste lid, onder c en artikel 30, lid 1, onder c verleent het college geen gehele of gedeeltelijke kwijtschelding, dan wel kort de periode in, indien de belanghebbende over een vermogen beschikt als bedoeld in het vijfde lid.
**4..** Het vermogen dient te worden aangewend voor aflossing van de vordering voor zover dat vermogen uitgaat boven de in het vijfde lid genoemde vermogensgrenzen tot een bedrag dat overeenkomst met het gestelde in artikel 27, eerste lid, onder a en b en artikel 30, eerste lid, onder a, b of d.
**5..** Het vermogen dient te worden aangewend voor zover:
bij fraudevorderingen sprake is van een vermogen dat meer bedraagt dan de voor belanghebbende(n) geldende bijstandsnorm;
bij alle overige vorderingen sprake is van een vermogen dat meer bedraagt dan drie keer de voor belanghebbende(n) geldende bijstandsnorm.
**6..** Bij de vaststelling of belanghebbende over vermogen beschikt als bedoeld in het vijfde lid:
worden de vorderingen die het gevolg zijn van te veel ontvangen uitkering buiten beschouwing gelaten; en
is het bepaalde in artikel 34, tweede lid, onder a en d van de WWB van overeenkomstige toepassing.
HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 3.3
Artikel 32.
Interen vermogen bij uitstel betaling en afzien van of gedeeltelijk afzien van invordering, dan wel kwijtschelding
Onderdeel van Beleidsregels terugvordering en verhaal gemeente Barneveld 2013