Naar hoofdinhoud
1.. Het haven- en kadegeld wordt geheven van de schipper, of bij gebreke daarvan van de eigenaar of beheerder van het aan deze belasting onderworpen vaartuig, indien zij per keer wordt berekend, zodra het gebruik een aanvang neemt en overigens, voor de aanvang van het tijdvak, waarover de betaling strekt. 2.. De berekening per keer of per tijdvak geschiedt ter keuze van de belastingplichtige.

Rechtspraak bij dit artikel