**1..** Het haven- en kadegeld bedraagt, indien het per keer wordt
berekend:
voor pleziervaartuigen, voor iedere m2 in te nemen
plaatsruimte:
gedurende niet meer dan zeven achtereenvolgende
dagen € 0,06
gedurende dertig achtereenvolgende dagen €
0,11.
voor sleepboten, baggermachines, elevatoren, drijvende
werktuigen, zogenaamd aannemersmateriaal, drijvende
werkinrichtingen, boot-, badhuizen, woonschepen,
houtvlotten, balken, aanlegsteigers en dergelijke, voor
iedere m2 in te nemen plaatsruimte € 0,06.
voor vaartuigen, die in deze gemeente laden of lossen of
passagiers innemen of aan de wal zetten voor iedere m3
waterverplaatsing € 0,07;
het minimum-tarief voor de ander a, b en c bedoelde
vaartuigen bedraagt € 1,78.
**2..** In afwijking van het bepaalde in lid 1 van dit artikel bedraagt het
haven- en kadegeld voor vrachtvaartuigen, welke Doesburg als
tussenplaats aandoen met de uitsluitende bedoeling goederen te
lossen en/of te laden en die binnen 24 uur na aankomst vertrekken,
per 100 kg. geloste en/of geladen goederen volgens het manifest van
de schipper voor iedere m3 waterverplaatsing f 0,08;
met dien verstande dat het bepaalde in lid 1 sub d van dit artikel
van toepassing is.
**3..** Voor vaartuigen, uitgezonderd pleziervaartuigen, ten behoeve waarvan
langer dan veertien dagen zonder onderbreking van een haven en/of
kade gebruik gemaakt wordt, is opnieuw haven- en kadegeld
verschuldigd voor elk volgend tijdvak van veertien dagen.
Afdeling III
Artikel 11
Artikel 11
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van lig-, haven- en kadegelden in de gemeente Doesburg