De vergunning vermeld in ieder geval:
De exploitant;
Indien van toepassing, de beheerder;
Voor welke activiteit de vergunning is
verleend;
Het adres waar het seksbedrijf wordt
uitgeoefend;
Het vaste nummer dat in advertenties voor het
seksbedrijf zal worden gebruikt;
Indien van toepassing, het adres van de onder dat
seksbedrijf vallende seksinrichting waarvoor de
vergunning reeds is verleend;
De voorschriften of beperkingen die aan de
vergunning zijn verbonden;
De geldigheidsduur van de vergunning;
Het nummer van de vergunning.
De exploitant draagt er zorg voor dat de vergunning of een
afschrift daarvan zichtbaar aanwezig is in de seksinrichting
waarvoor de vergunning mede verleend, en dat tevens aan de
buitenzijde van de seksinrichting zichtbaar is dat hij over
een vergunning voor een seksinrichting beschikt.
Artikel 3:9 Intrekkingsgronden
De vergunning wordt ingetrokken als:
de verstrekte gegevens zodanig onjuist of onvolledig
blijken te zijn dat op de aanvraag een andere
beslissing zou zijn genomen als bij de beoordeling
daarvan de juiste gegevens bekend waren
geweest;
de vergunning in strijd met een wettelijk
voorschrift is gegeven;
is gehandeld in strijd met de artikelen 3:10, 3:13,
aanhef en onder a, 3:14, 3:15 en 3:17, eerste lid,
en tweede lid, aanhef en onderdeel b, aanhef en
onder 1°;
zich binnen het seksbedrijf feiten hebben voorgedaan
die de vrees wettigen, dat het van kracht blijven
van de vergunning gevaar oplevert voor de openbare
orde of veiligheid;
zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in
artikel 3:7, eerste lid, onder a tot en met i;
de vergunninghouder dat verzoekt;
de uitoefening van het seksbedrijf strijd oplevert
met een geldend bestemmingsplan, een
beheersverordening.
De vergunning kan worden geschorst of ingetrokken als:
is gehandeld in strijd met aan de vergunning verbonden
voorschriften of beperkingen;
in verband met gewijzigde wettelijke voorschriften,
gewijzigde omstandigheden of gewijzigde inzichten de
bescherming van de belangen met het oog waarop het
vergunningsvereiste is gesteld, zwaarder wegen dan het
belang van de vergunninghouder bij behoud van de
vergunning;
een niet in de vergunning vermelde persoon exploitant of
beheerder is geworden;
is gehandeld in strijd met een of meer van de bij of
krachtens dit hoofdstuk gestelde bepalingen, onverminderd
het eerste lid, aanhef en onder c;
is gehandeld in strijd met de in het bedrijfsplan beschreven
maatregelen;
zich binnen het seksbedrijf feiten hebben voorgedaan die de
vrees wettigen dat het van kracht blijven van de vergunning
gevaar oplevert voor de woon- en leefomgeving of de
gezondheid van prostituees of klanten;
de exploitant of de beheerder het toezicht op de naleving
van het in dit hoofdstuk bepaalde belemmert of
bemoeilijkt;
er bij het seksbedrijf personen tewerkgesteld zijn die
onherroepelijk zijn veroordeeld voor een gewelds- of
zedendelict of voor mensenhandel;
gedurende ten minste zes maanden geen gebruik is gemaakt van
de vergunning.
Artikel 3:10 Melding gewijzigde omstandigheden
De vergunninghouder meldt elke verandering waardoor zijn seksbedrijf
niet langer in overeenstemming is met de op grond van artikel 3:8,
eerste lid, in de vergunning opgenomen gegevens, zo spoedig mogelijk
aan de burgemeester. Deze verleent een gewijzigde vergunning, als
het seksbedrijf aan de vereisten voldoet.
Artikel 3:11 Verlenging vergunning
Op een aanvraag om verlenging van een vergunning zijn de
artikelen 3:3, 3:6, 3:7, 3:8 en 3:15, derde lid, van
overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat actuele
gegevens en bescheiden waarover de burgemeester al
beschikking heeft niet nogmaals overgelegd dienen te
worden.
Als ten minste twaalf weken voorafgaand aan de vervaltermijn
van de vergunning verlenging van de vergunning is
aangevraagd, blijft de vergunning van kracht totdat op de
aanvraag om verlenging is besloten.