Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1: › Paragraaf 3

Artikel 10

Algemene Weigeringsgronden

Onderdeel van Algemene Subsidieverordening gemeente Valkenswaard 2016

1). Subsidie wordt in ieder geval geweigerd als de subsidie is aangemerkt als ontoelaatbare staatssteun. 2). Subsidie kan, in aanvulling op artikel 4:35 van de wet, worden geweigerd: voor activiteiten die niet in overwegende mate in het belang zijn voor de plaatselijke gemeenschap; voor activiteiten waarvoor een rijkssubsidieregeling, rijksbijdrageregeling, wettelijke bekostigingsregeling of andere voorliggende voorziening geldt; indien niet voldoende vaststaat dat slechts met inbegrip van de gemeentelijke subsidie voldoende financiële middelen beschikbaar zijn om de gestelde doeleinden te verwezenlijken; indien niet een zodanige werkwijze en/of organisatorisch verband wordt gehanteerd dat redelijkerwijs verwacht mag worden dat de beoogde doelstellingen worden verwezenlijkt; aan een instelling of (in bijzondere gevallen) aan een natuurlijk persoon die uitsluitend werkzaam is in het belang van een politieke groepering, een vakorganisatie, een bedrijf of kerkgenootschap, dan wel in hoofdzaak politieke, godsdienstige of levensbeschouwelijke vorming beoogt of feitelijk bedrijft; rekening houdend met het gestelde onder sub a tot en met e en sub g aan een instelling of (in bijzondere gevallen) aan een natuurlijk persoon gevestigd binnen Valkenswaard en ten behoeve van inwoners buiten Valkenswaard indien er sprake is van activiteiten die in Valkenswaard al in voldoende mate plaatsvinden; indien de subsidieverstrekking niet past binnen het beleid van de gemeente als met de activiteiten waarvoor de subsidie is aangevraagd, reeds is begonnen voordat de aanvraag is ingediend; er gegronde redenen zijn om aan te nemen dat de gelden niet, of in onvoldoende mate besteed worden aan het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld; de aanvrager doelstellingen heeft of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met de wet, deze verordening, het algemeen belang of de openbare orde; de activiteiten niet of onvoldoende bijdragen aan het realiseren van met subsidie beoogde beleidsdoelen; de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende gelden, hetzij uit eigen middelen, hetzij uit middelen van derden kan beschikken om de kosten van de activiteiten te dekken; de aanvrager niet minimaal 50% van de gevraagde subsidie uit andere inkomsten kan genereren; subsidieverstrekking niet past binnen het gemeentelijk beleid op het betreffende beleidsterrein, dan wel dat de activiteiten in dat kader onvoldoende prioriteit hebben; de activiteit waarvoor subsidie wordt aangevraagd, geen of onvoldoende meerwaarde heeft voor het bestaande (activiteiten)aanbod in de gemeente; 3). Het college kan voor subsidies binnen door de raad vast te stellen beleidsterreinen of onderdelen daarvan bepalen dat de gevraagde subsidie kan worden geweigerd of de verleende subsidie kan worden ingetrokken in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob). 4). De weigeringsgronden kunnen in nadere regels door het college worden aangevuld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel