Naar hoofdinhoud
1.. De vergadering van de commissie is openbaar. Indien het college – al dan niet op verzoek van de aanvrager – een verzoek doet tot niet-openbare behandeling, dan dient het college daaraan klemmende redenen op grond van artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur ten grondslag te leggen. De openbaarheid geldt zowel voor de beraadslagingen, de beoordeling als de adviezen. Het vereiste van openbaarheid geldt niet voor informeel vooroverleg over een toekomstig bouwplan. 2.. Het tijdstip van de vergadering van de commissie wordt tijdig( in ieder geval 24 uur voorafgaand aan de vergadering) bekendgemaakt op de gemeentelijke website, dan wel op een andere geschikte wijze. Indien de aanvrager van de omgevingsvergunning hierom bij het indienen van de aanvraag om vergunning heeft verzocht, wordt deze door of namens de commissie in staat gesteld tot het geven van een toelichting op het bouwplan. 3.. In het geval dat het plan in de vergadering van de commissie wordt behandeld en een verzoek tot het geven van een toelichting is gedaan, dient de aanvrager van de omgevingsvergunning een uitnodiging te ontvangen voor de vergadering van de commissie, waarin de aanvraag wordt behandeld. 4.. Belanghebbenden kunnen, in toelichtende zin, spreekrecht krijgen ten aanzien van welstandsaspecten. Spreekrecht dient, aan het begin van de vergadering. te worden aangevraagd bij de secretaris van de commissie. Als belanghebbend worden aangemerkt de belanghebbenden ingevolge artikel 1:2 Algemene Wet Bestuursrecht. Indien een groep van belanghebbenden verschijnt kan de voorzitter eisen dat een woordvoerder wordt aangewezen. Het inspreekrecht mag worden uitgeoefend tijdens de toelichtende fase van de behandeling van het onderhavige adviesverzoek. Inspraak tijdens de beraadslagingen van de commissie behoeft niet te worden toegestaan. Van het inspreken wordt verslag gelegd in het advies.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel