3.8.1. Monitoring
Door middel van een goede registratie kan worden nagegaan wat de voortgang van toezicht en handhavingszaken is en daarmee op welke punten extra inspanningen noodzakelijk zijn. Tevens kunnen de effecten van de beleidsregels worden geëvalueerd.
Conform het Bor en de Mor wordt minimaal gemonitord op:
de uitvoering van het uitvoeringsprogramma;
de voortgang van het bereiken van gestelde doelen;
het aantal uitgevoerde controles;
het aantal geconstateerde overtredingen;
het aantal opgelegde bestuurlijke sancties;
het aantal processen verbaal;
het aantal ontvangen klachten en het percentage daarvan dat veroorzaakt blijkt te zijn door een overtreding.
Tevens wordt aanvullend gemonitord op of een uitsplitsing gemaakt in:
het aantal voornemens tot het opleggen van bestuursrechtelijke handhavingsacties in percentage van het aantal uitgevoerde controles;
het aantal repressieve bestuursrechtelijke handhavingsacties in percentage van het aantal uitgevoerde controles;
het aantal repressieve strafrechtelijke handhavingsacties in percentage van het aantal uitgevoerde controles;
het aantal klachten;
het aantal uitgevoerde controles (uitgesplitst naar type) en het aantal uren per (type) controle;
het aantal bestuursrechtelijke aanschrijvingen;
het percentage geïnde dwangsommen en toegepaste lasten onder bestuursdwang van het totaal aantal bestuursrechtelijke trajecten;
het percentage van de hercontroles waarbij de overtreding ongedaan is gemaakt.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.8.
Monitoring, rapportage en evaluatie
Onderdeel van Beleidsregels Toezicht/handhaving Fysieke Leefomgeving 2016-2018